Ga naar de inhoud

Verantwoording

Doelstelling

Taak van de werkgroep Buitenlandse aardrijkskundige namen (BAN III, ingesteld 1997):

  • het verzamelen en regelmatig melden en bijhouden van de ontwikkelingen, wijzigingen en aanvullingen op het gebied van de Nederlandse namen van geografische objecten in het buitenland, zoals opgenomen in de lijst Buitenlandse aardrijkskundige namen in het Nederlands,
  • het geven van advies bij vragen die de Nederlandse Taalunie bereiken over de schrijfwijze van buitenlandse aardrijkskundige namen.

Uitgangspunten

Exoniemen versus endoniemen

Eeuwenlang hebben taalgebruikers buitenlandse aardrijkskundige namen waar ze weet van kregen weergegeven in een vorm die was aangepast aan de Nederlandstalige naamkundige praktijk. Die aanpassingen bestonden bijvoorbeeld uit de vertaling van naamdelen die hun equivalenten hadden in de Nederlandse woordvoorraad. De naamvormen die hier het resultaat van zijn noemt men exoniemen (in een bepaald taalgebied gebruikelijke versies van geografische namen die qua spelling afwijken van de plaatselijk officiële namen). Vrij snel hebben specialisten uit de kringen van de cartografie en de media zich echter verzet tegen deze veranderingen van buitenlandse geografische namen. Zij zijn van oordeel dat wij namen uit andere landen moeten gebruiken in de vorm zoals die in die landen zelf geldt, of - in geval van landen met een niet-Latijns schrift - in een vorm die beantwoordt aan het door het bewuste land aanbevolen omzettingssysteem. Dergelijke naamvormen noemt men endoniemen (in een staat officieel vastgestelde spelling van een geografische naam voor een object - plaats, berg, rivier - in die staat).

Zowel de voorstanders van het gebruik van exoniemen als degenen die vinden dat men zich zoveel mogelijk moet bedienen van endoniemen menen het recht aan hun zijde te hebben. De eersten omdat zij vinden dat er geen reden bestaat om door het gebruik geijkte Nederlandse namen voor buitenlandse plaatsen uit de geografische woordenschat te weren, de laatsten omdat zij van oordeel zijn dat het gebruik van eigen Nederlandse naamvormen de internationale communicatie en dus het functioneren van de namen belemmert.

Daar komt nog bij dat de aard van het medium waarin een naam wordt gebruikt een rol kan spelen bij de keuze voor de ene of de andere naamvorm. Op autokaarten, in adreslijsten of reistabellen zal men zoveel mogelijk voor endoniemen kiezen, terwijl vervaardigers van onderwijsmateriaal en van publicaties over culturele verbindingen met andere landen vaker exoniemen zullen toepassen.

Bij het opstellen van de lijst van buitenlandse aardrijkskundige namen in het Nederlands is de Werkgroep in de eerste plaats uitgegaan van de praktijk. De Werkgroep heeft zo zorgvuldig mogelijk nagegaan welke Nederlandse exoniemen nog algemeen gebruikt worden en niet inmiddels door endoniemen zijn vervangen, en heeft haar opnamebeleid gebaseerd op deze inventarisatie. Uiteraard kon zij er niet omheen, keuzes te maken. Zij heeft er daarbij echter naar gestreefd zo min mogelijk dogmatisch te werk te gaan.

Gehanteerde voorschriften

Doel van de Werkgroep is standaardisering van de schrijfwijze van alle buitenlandse aardrijkskundige namen waarvoor in Nederland en Vlaanderen een algemeen geaccepteerde eigen vorm bestaat. Met betrekking tot alle overige buitenlandse aardrijkskundige namen adviseert de werkgroep - in navolging van de resoluties van de Fifth United Nations Conference on the Standardisation of Geographical Names (Montréal 1987) - het zogenaamde bronprincipe te volgen. Dat houdt in dat men uitgaat van de officiële naam, hetzij zoals hij in het land zelf in Latijns schrift wordt geschreven, hetzij zoals hij in Latijns schrift wordt omgezet volgens een door het land zelf aanbevolen omzettingssysteem, bijvoorbeeld Lazio, Rocky Mountains, Kobe, Sevastopol’, ad-Dawhah.

De Werkgroep is daarbij in opdracht van de Nederlandse Taalunie uitgegaan van de beginselen, verwoord in de volgende wetten, resoluties en besluiten:

  • het Spellingbesluit (1946)
  • de Spellingwet (1947)
  • de Woordenlijst van de Nederlandse Taal (1954)
  • Resolutie 13 van de Fifth United Nations Conference on the Standardisation of Geographical Names (Montréal 1987), waarin een verdere reductie van het gebruik van exoniemen wordt aanbevolen en het gebruik van de betreffende endoniemen wordt gestimuleerd
  • de Woordenlijst van de Nederlandse Taal (1995)
  • de spellingwijziging van 1996 (betreffende de tussen-n en liggend streepje)
  • de Woordenlijst (2005), met name nieuwe of gewijzigde regels ten aanzien van schrijfwijze van samenstellingen, het gebruik van hoofdletters en van het liggend streepje.

De Woordenlijst 2005 biedt de gebruiker de mogelijkheid om de duidelijkheid te bevorderen door het plaatsen van een facultatief liggend streepje. De Werkgroep heeft van die mogelijkheid actief gebruik gemaakt. De lijst van aardrijkskundige namen bevat daarom ook streepjes die niet strikt door de regels worden opgelegd, maar die naar het oordeel van de Werkgroep de leesbaarheid en de uitspraak bevorderen, bijvoorbeeld Penghu-eilanden (China), Riukiu-eilanden (Japan) en Tokelau-eilanden.

Opnamecriteria

Naast de namen van alle officieel erkende landen en hun hoofdsteden bevat de lijst van buitenlandse aardrijkskundige namen in het Nederlands in principe alléén Nederlandse exoniemen (dus in het Nederlands taalgebied gebruikelijke naamversies van geografische namen voor hedendaagse geografische objecten buiten Nederland, Suriname of Vlaanderen die qua spelling afwijken van de plaatselijk officiële naamvormen en in gebruik zijn bij de overheid, in de media en in de cartografie). Hun aantal kan per land of gebied verschillen, afhankelijk van de historische, politieke en economische relaties met het Nederlandse taalgebied. Leenexoniemen uit andere talen, zoals Casablanca, Seeland en Mount Everest, zijn alleen opgenomen als het namen betreft die in die vorm in het Nederlandse taalgebied frequent worden gebruikt.

In een aantal gevallen wordt van dit principe afgeweken, en worden dus toch namen opgenomen waarvan de in Nederland gebruikelijke vorm niet afwijkt van de plaatselijk officiële vorm. Dat gebeurt (als een extra service aan de gebruikers van deze lijst) voor díe aardrijkskundige namen die veel in het nieuws zijn en waarvan het voor de gebruikers moeilijk is de officiële spelling van het endoniem vast te stellen. Deze namen zullen met een speciaal symbool (%) worden aangeduid.

Namen van afhankelijke staatkundige eenheden worden apart opgenomen als hun belang dat vereist. Tenzij ze dichtbij het betreffende moederland liggen (zoals dat geldt voor de Australische Cocoseilanden, of het Noorse Spitsbergen) in welk geval ze bij dat moederland worden opgenomen, worden ze - omdat het in praktisch alle gevallen om eilanden gaat - vermeld bij de betreffende wereldzeeën.

De aanduiding # achter een vorm in de lijst geeft aan dat deze vorm vrijwel alleen in Nederland gebruikelijk is ofwel vrijwel alleen in Vlaanderen gebruikelijk is. Dit is één van de verschillende soorten "tooltips" die wij op deze site hebben opgenomen. Door op het symbool te klikken worden de details zichtbaar (in dit geval: in Nederland gebruikelijk of juist in Vlaanderen gebruikelijk).

Namen van rivieren die zowel door Nederland of Vlaanderen stromen als door Duitsland, Frankrijk of Wallonië, zijn onder deze laatste landen of gebieden opgenomen als exoniem.

Bij de endoniemen kan tussen haken een afkorting zijn toegevoegd die aangeeft uit welke taal de betreffende naamvorm afkomstig is. Deze afkortingen zijn verklaard in het Glossarium.

Nederlandse namen voor plaatsen in Wallonië en in Frans-Vlaanderen

De Nederlandse namen voor plaatsen in Wallonië kunnen niet als exoniemen worden beschouwd. In België hebben het Nederlands, het Frans en het Duits een officiële status. De Nederlandse namen voor plaatsen in Frans-Vlaanderen bestonden reeds in de tijd toen het Nederlands nog de gangbare taal van dit gebied was. De Werkgroep heeft besloten de Nederlandse namen in Wallonië in een speciale pagina op te nemen. Een link naar deze speciale pagina vindt u op de landpagina van België. Op de speciale pagina wordt het onderscheid aangegeven tussen de vormen die alleen in Vlaanderen (V) worden gebruikt en die welke in het gehele Nederlandse taalgebied gangbaar zijn.

De Werkgroep onthoudt zich van advies met betrekking tot namen van geografische objecten waarvoor geen Nederlandse exoniemen bestaan in landen waar meer talen een officiële status hebben. Het zijn in alle gevallen endoniemen en het staat de taalgebruiker vrij te kiezen tussen verschillende vormen. Een voorbeeld daarvan zijn de namen in Zuid-Tirol, bijvoorbeeld Bozen/Bolzano, Meran/Merano. Deze namen zijn niet in deze lijst opgenomen.

Friese namen

Hetzelfde is gedaan met de Friese plaatsnamen in Nederland. De Werkgroep heeft besloten de Friese namen in een speciale pagina op te nemen. Een link naar deze speciale pagina vindt u op de landpagina van Nederland. Deze pagina is alfabetisch gerangschikt op het Nederlandse exoniem in de linker kolom.

Vertaalhulp

Van veel namen die in principe in aanmerking kwamen voor opname in de lijst, bestaat het endoniem uit de samenvoeging van een aardrijkskundige naam met een voor- of nabepalend woord dat de aard van de benoemde entiteit beschrijft, bijvoorbeeld Victoria Falls, Estrecho de Gibraltar. In het Nederlands is het gebruikelijk bij dergelijke namen het bepalende woord te vertalen, en met deze vertaling exoniemen te vormen overeenkomstig de morfologische mogelijkheden van het Nederlands, te weten de samenstellingen van het type Victoria(water)vallen, of lexicale verbindingen van het type Straat van Gibraltar. Dergelijke exonymische vormen zijn alleen opgenomen als er verwarring kan ontstaan over de volgorde van de naamdelen. Anders wordt ervan uitgegaan dat de taalgebruiker zelf zo’n vorm kan maken met behulp van de vertaalhulp van beschrijvende elementen in aardrijkskundige namen in vreemde talen en hun Nederlandse equivalenten (berg, zee, meer, pas, baai, golf, enzovoorts) dat aan de lijst is toegevoegd. Het uit de plaatselijk officiële naam Lake Victoria afgeleide exoniem Victoriameer zal men dus niet in de lijst aantreffen, maar het exoniem Straat Davis, afgeleid van het endoniem Davis Strait, wél, omdat uit het endoniem in het laatste geval ook het niet correcte Davisstraat zou kunnen worden geconstrueerd.

Gebruik van lidwoorden vóór de namen

Het feit dat de namen in bepaalde categorieën, zoals alle rivier- en bergnamen, alsmede verschillende regionamen, door een Nederlands lidwoord worden voorafgegaan, is geen reden geweest deze namen in de lijst op te nemen als zij voor het overige een endonymische vorm hebben, bijvoorbeeld de Severn, de Mont Blanc, de Algarve.

Aangeven van het soort geografisch object in de lijst

De categorie (kaap, straat, plaats, enzovoorts) waartoe een geografisch object behoort is alleen dan bij een naam vermeld als anders niet duidelijk is waarop de laatste betrekking heeft. Dus naast de naam van de staat Libanon vindt men ook de naam Libanon (gebergte).

Landinformatie

Na de in het Nederlands gebruikelijke naam van elk land wordt de volgende informatie gegeven: het werelddeel waarin het land ligt, de ISO-codes waarmee het land wordt aangeduid (de tweeletterige ISO-code is bijvoorbeeld in gebruik als landaanduiding op het internet), de belangrijkste in dat land gesproken officiële taal of talen (waarbij we niet volledig kunnen zijn), de korte en de officiële versie van de landnaam, de naam van de hoofdstad, het op dat land betrekking hebbende bijvoeglijk naamwoord, en de inwoneraanduiding, en tenslotte de namen van de overige geografische objecten die een ingeburgerde Nederlandse naam hebben die afwijkt van de plaatselijke officiële vorm. Bij een aantal landen wordt daar nog een lijst van historische benamingen aan toegevoegd – dat betreft in onbruik geraakte of alleen nog in historisch verband gebruikte Nederlandstalige benamingen.

Zowel de landnamen, de namen van hoofdsteden en de overige namen als de namen van de historische objecten zijn in twee kolommen ondergebracht: de linkerkolom bevat de in het Nederlands gebruikelijke naamsvarianten (‘Nederlandse naam’), de rechterkolom de in het betreffende land gehanteerde vorm (‘plaatselijke naam’). De in het Nederlands gebruikelijke vormen kunnen bestaan uit Nederlandse exoniemen – aan het Nederlands aangepaste schrijfwijzen (zoals Rome, Parijs en Londen in plaats van het officiële Roma, Paris en London) - als onveranderd in het Nederlands overgenomen plaatselijke schrijfwijzen (zoals Brasilia, Jakarta). Bij de ‘plaatselijke namen’ wordt de in het betreffende land gehanteerde officiële spelling overgenomen. Indien dat land een niet-Latijns schriftsysteem hanteert, werd de naam uit dat schriftsysteem overgezet naar het Latijnse alfabet volgens het door de Verenigde Naties erkende omzettingssysteem.

Officiële landnaam en hoofdstad

Naast de in het algemene taalgebruik gangbare vorm van landnamen zijn tevens de in een diplomatieke context gebruikelijke officiële vormen van de landnamen opgenomen. Zo wordt naast Duitsland ook Bondsrepubliek Duitsland vermeld. Wellicht ten overvloede zij hier nog opgemerkt, dat de Werkgroep zich onthoudt van een politiek oordeel over de termen waarmee de officiële namen zijn gevormd. Ten aanzien van de vraag welke stad als hoofdstad van een land geldt, heeft de Werkgroep zich laten leiden door de opgaven van de vertegenwoordigers van de ministeries van Buitenlandse Zaken en van de Europese Commissie in haar midden.

Ordening van de lijst

De lijst is ingedeeld in twee kolommen. In de linker kolom staan de Nederlandse exoniemen, in de rechter kolom - waar dit van toepassing is - de endoniemen. Het teken % achter een exoniem laat bij het klikken op dit teken een vermelding zien (tooltip) dat ook het corresponderende endoniem in toenemende mate in het Nederlandse taalgebied wordt gebruikt. De indeling van de lijst is alfabetisch per land. Per landpagina worden de exoniemen alfabetisch gepresenteerd. Namen van geografische objecten die over meerdere staten voorkomen worden per werelddeel of wereldzee behandeld. Deze namen zijn eveneens alfabetisch gerangschikt in paragrafen die de namen dragen van de wereldzeeën of werelddelen. Binnen elke paragraaf staan de namen van de hieronder vallende objecten alfabetisch gerangschikt op het eerste woord.

Ordening van de landenparagrafen

Voor wie geïnteresseerd is in aantal, statuut en verspreiding van de talen die in de landen van de wereld gesproken worden, is er het Engelstalige werk van Raymond G. Gordon, Jr. (red.), Ethnologue: Languages of the World. 15de editie. Dallas, Tex.: SIL International, 2005. Vooral de online-versie is interessant. Dit werk catalogeert op een nooit geziene wijze alle heden ten dage bekende levende talen in de wereld. In de Ethnologue country index vindt men 6912 taalbeschrijvingen, alfabetisch gerangschikt per continent en vervolgens per land. Aangegeven worden telkens de nationale of officiële talen, de gebarentalen incluis. Bovendien treft men per land ook een rits al dan niet officieel aanvaarde streektalen aan. Daardoor komt men uit op een aantal van 39.491 "talen". Bij ieder land is er ook een link naar een kleurenkaart met de verspreiding van al die soorten talen in het land. Er wordt ook een idee gegeven van het aantal sprekers per taal. Om een of ander item op te zoeken is er de Search Ethnologue.com, die gebruik maakt van Google.

Ordening binnen de landenparagrafen

Binnen iedere paragraaf staan de namen alfabetisch geordend op het eerste woord dat geen lidwoord is. In de alfabetische volgorde neemt de letter ij de plaats in die hij ook heeft in de Woordenlijst Nederlandse Taal, dus na ii en voor ik. Alfabetisering op het lidwoord vindt alleen daar plaats waar dit, zoals in een aantal aardrijkskundige namen in Vlaanderen (bijvoorbeeld Den IJzel), wordt beschouwd als een inherent deel van de naam.

Plaatsing van objecten die in meerdere landen voorkomen

Zeeën die aan meer dan drie landen grenzen, rivieren die door meer dan drie landen stromen, gebergten die zich over meer dan drie landen uitstrekken, enzovoorts, zijn bij het betreffende werelddeel geplaatst. Namen van objecten waarvoor Nederlandse exoniemen gangbaar zijn en die zich over niet meer dan twee aan elkaar grenzende landen uitstrekken worden bij beide betreffende landen opgenomen.

Historische namen

Op deze site zijn ook historische namen te vinden. Aan de site is een aparte rubriek met historische namen toegevoegd en ook op de landpagina's zijn daar waar relevant historische namen opgenomen. Op de pagina's met historische namen kan het bij de namen onder het kopje ‘plaatselijke naam’ in de rechter kolom zowel gaan om een historische plaatselijke naam als om de huidige plaatselijke naam. Dit al naar gelang de situatie.

Verbogen of onverbogen vorm

Als een naam bestaat uit een adjectivisch eerste deel en een onzijdig woord als tweede deel, wordt het eerste deel niet verbogen (bijvoorbeeld Zuid-Pacifisch Bekken), behalve in die gevallen waarin alleen de vorm met verbogen adjectief in gebruik is, bij voorbeeld Zwarte Woud, Trasimeense Meer.

Weergave van de -oe- klank

Voor zover er bij de weergave van exoniemen gedeeltelijk gebruik wordt gemaakt van omzettingssystemen van het ene schriftsysteem naar het andere is gekozen voor het systeem dat in het Nederlandse taalgebied het meest wordt toegepast bij namen uit het betreffende land. Een probleem daarbij vormt de schrijfwijze van namen waarin een oe-klank voorkomt. De Werkgroep heeft geconstateerd dat de wens om hier de spelling -oe- toe te passen in Vlaanderen sterker leeft dan in Nederland, waar de internationaal veel toegepaste -u- de laatste tijd vrij algemeen ingang heeft gevonden. Dat heeft ertoe geleid dat de Werkgroep niet altijd een beslissing heeft kunnen nemen en de mogelijkheid van een keuze heeft opengelaten.

Voor de schrijfwijze der endoniemen gehanteerde omzettingssystemen

Bij de weergave van de endoniemen uit landen die geen Latijns alfabet gebruiken is gebruik gemaakt van omzettingssystemen die zijn aanvaard door de United Nations Conferences on the Standardisation of Geographical Names (UNCSGN), welke sedert 1967 om de 5 jaar worden gehouden, voorbereid door de UNGEGN, de United Nations Group of Experts on Geographical Names. De door de UNCSGN aanvaarde omzettingssystemen zijn (volgens: Report of the current status of the United Nations romanization systems for geographical names [PDF] submitted by the UNGEGN, E/CONF.94/CRP.81, 8th UNCSGN):

  • Amhaarse namen: systeem Ethiopian National Geographical Names Authority (1962), aanvaard 1967
  • Arabische namen: Amended Beirut system (1971), aanvaard 1972
  • Bulgaarse namen: systeem van de Bulgaarse Akademie van Wetenschappen (1972), aanvaard 1977
  • Chinese namen: Pinyin systeem, aanvaard 1977
  • Griekse namen: Elot 743 systeem, aanvaard 1987
  • Hebreeuwse namen: systeem van de Akademie van de Hebreeuwse taal (1957), aanvaard 1977
  • Macedonische namen: systeem v/h voorm. Federale bureau v.d. statistiek, Belgrado (1972), aanvaard 1977
  • Perzische namen: Transliteration of Farsi geographical names to Latin alphabet (1966), aanvaard 1967
  • Russische namen: GOST 1983 systeem (1983), aanvaard 1987
  • Servische namen: systeem v/h voorm. Federale bureau v.d. statistiek, Belgrado (1972), aanvaard 1977
  • Thaise namen: systeem Royal Institute of Thailand (2000), aanvaard 2002

Overigens moet worden vermeld dat de opgave van de bijbehorende endoniemen vooral is bedoeld als een extra service aan die (cartografische) gebruikers die er prijs op stellen na te kunnen gaan op welke geografische objecten de Nederlandse exoniemen betrekking hebben. Hoewel door de opsteller van de endoniemenlijst, prof. Ormeling, gestreefd is naar een zo correct mogelijke weergave van de officiële namen, mogen ze niet gezien worden als de officiële vertaling van deze exoniemen.

Schema voor de keuze van exoniemen of endoniemen

Voor het vaststellen van de keuze tussen endoniemen en exoniemen en hun schrijfwijze wordt de handelwijze als getoond in het hieronder opgenomen schema aanbevolen. Wanneer er een gangbaar exoniem aanwezig is, wordt dat overgenomen (de spelling daarvan is in de lijst van buitenlandse aardrijkskundige namen vastgesteld). Wanneer geen gangbaar exoniem aanwezig is, en het land waar het benoemde object voorkomt heeft een Latijns alfabet, dan wordt de plaatselijke spelling integraal overgenomen. Hanteert men plaatselijk een ander schriftsysteem, dan moet men de naam omzetten naar het Latijns schrift volgens een door de Verenigde Naties erkend systeem. Is er geen door de VN erkend omzettingssysteem, dan kiest men voor omzetting volgens een algemeen gangbaar Nederlands systeem. Ontbreekt een algemeen gangbaar Nederlands systeem, dan kiest men voor een algemeen gangbaar internationaal systeem en, indien ook dat ontbreekt, dan probeert men de klanken van de betreffende naam zo goed als mogelijk met Nederlandse schrifttekens weer te geven.